Waarom heeft echte liefde zowel aantrekking als afstoting nodig?
Gewaarwording, aantrekkingskracht en eenheid
Al jaren zet ik mij via Internet in voor dierenrechten. Het belang van vrijheid en evenwaardigheid is voor mij geen abstract ethisch standpunt, maar een diepgaand existentieel vraagstuk. Ik denk continu na over vrijheid: over de vrijheid van dieren, van mensen en over de vraag hoe deze vrijheden zich tot elkaar verhouden, zonder dat de één structureel wordt opgeofferd aan de ander.
Mijn betrokkenheid bij dieren bracht mij op een onverwacht pad naar spiritualiteit. Lang voordat ik het woord non-dualiteit en a-dvaita (wat niet-twee betekent) kende, had ik als kind een eenheidservaring. Die ervaring verdween niet, maar bleef als een stille achtergrond aanwezig. Pas veel later ontdekte ik in het begrip non-dualiteit een taal die iets raakte wat ik al kende. Niet als theorie, maar als herkenning. Kort gezegd betekent non-dualiteit dat de werkelijkheid fundamenteel niet uit afgescheiden entiteiten bestaat, maar als één geheel verschijnt.
Die eenheidservaring kwam en ging. Zij bleef niet, maar keerde als echo wel terug, soms, niet vaak en zeker niet lang. Dat is geen verlies. Want in haar afwezigheid ontstaat precies de ruimte waarin leven zich kan ontvouwen: als beweging, als keuze, als vrijheid. De ervaring zelf liet zien dat eenheid kan bestaan. Haar tijdelijkheid maakt dat vrijheid kan bestaan.
Vrijheid en liefde
Het heeft mij jaren gekost om te onderzoeken hoe mijn eigen vrijheid en die van de ander -mens én dier- in één kader gedacht kunnen worden, zonder dat vrijheid losraakt van liefde. Voor mij is liefde daarbij geen persoonlijk of sentimenteel fenomeen, maar een kwaliteit van verbinding die alleen kan bestaan waar vrijheid wordt gerespecteerd.
Deze zoektocht heeft mij ertoe gebracht een tweeledige houding in te nemen: aan de ene kant probeer ik mij niet onnodig druk te maken over wat zichzelf draagt en vanzelf stroomt, aan de andere kant voel ik een verantwoordelijkheid om mijn inzichten te delen. Niet als dogma, maar als uitnodiging om na te denken over de manier waarop wij met vrijheid, liefde en verbinding omgaan, tussen mensen, tussen mens en dier en in de wereld zoals zij verschijnt.
Ervaring als vertrekpunt
De spanning waarover ik schrijf, is niet theoretisch, maar komt voort uit ervaring. Als kind heeft de eenheidservaring mij gesteund en mijn blik op het leven blijvend gevormd. Non-dualiteit is voor mij geen concept, geen leer en geen belofte, maar een gekende mogelijkheid van ervaren. Niet iets wat bereikt of vastgehouden moet worden, maar iets wat zich soms voordoet. Wat anderen als vaagheid ervaren -dat het geen methode biedt, geen weg wijst, geen zekerheid geeft- is voor mij de vrijheid die deze benadering beschermt. Voorschrijven zou dwang worden. De openheid is geen gebrek, maar voorwaarde.
Vrijheid en gewaarwording
Later in mijn leven diende zich een gewaarwording aan die mij raakte. Ik werd mij ervan bewust dat inzicht of ervaring niet vanzelf leidt tot zorgvuldigheid. Vrijheid, hoe ruim ook beleefd, blijkt niet automatisch relationeel. Daarmee bedoel ik dat het ervaren van vrijheid als innerlijke ruimte of vanzelfsprekendheid niet vanzelf samenvalt met het respecteren van de ruimte van een ander. Ook zonder kwade wil, juist vanuit vanzelfsprekendheid, kan mijn handelen de vrijheid van een ander raken of beperken.
De meeste tijd leef ik niet vanuit eenheidservaring. De ander verschijnt dan als gescheiden van mij. Mijn handelen laat sporen na, ook als ik me daar niet van bewust ben. En wanneer we een ander goed willen behandelen, is het altijd goed om bij te dragen aan de vrijheid van die ander.
Ontwaken en aandacht voor gevolgen
Vanuit die gewaarwording ben ik anders gaan kijken naar hoe non-dualiteit vaak wordt verstaan. Er bestaat een benadering die vertrouwt op ontwaken: wanneer in de beleving de ander wegvalt, valt ook het probleem weg. Er bestaat een benadering die vertrouwt op ontwaken: wanneer in de beleving de ander wegvalt, valt ook het probleem weg. Angst, onzekerheid en conflict lossen op zodra de scheiding verdwijnt. Dat perspectief herken ik en het heeft zijn waarheid. Maar een blijvende, continue eenheidservaring zou ook iets anders doen verdwijnen: de ruimte waarin vrijheid bestaat. Want vrijheid veronderstelt een afzonderlijk subject dat kan kiezen, bewegen, handelen. De tijdelijkheid van de eenheidservaring is geen tekortkoming die overwonnen moet worden, maar voorwaarde voor het leven zoals het zich voordoet.
Ethiek als aandacht voor gevolgen
Mijn vertrekpunt is ethisch-existentieel, oftewel de Gouden Regel. Zolang wij bestaan en bewegen in de wereld, ontstaan er gevolgen. Niet omdat iemand faalt, maar omdat handelen altijd relationeel is. Vrijheid uitoefenen is geen innerlijke toestand alleen, maar een kracht die ergens (be)landt. Waar zij landt, laat zij sporen na. Daarom spreek ik over verantwoordelijkheid niet als schuld of plicht, maar als onvermijdelijke schaduw van beweging.
Aantrekking, verleiding en integriteit
Dit raakt aan hoe wij omgaan met aantrekking en verbinding. In de liefde, tussen mensen maar ook zichtbaar in de natuur, ontstaat verbinding via aantrekking. Wij nodigen elkaar uit, verleiden elkaar tot nabijheid, tot keuze. Zonder aantrekking geen ontmoeting, geen binding, geen leven. Verleiding is in die zin geen moreel probleem, maar een voorwaarde voor verbinding.
Maar verleiding en misleiding liggen dicht bij elkaar. Het verschil zit in integriteit. Bij degene die verleidt én bij degene die zich laat verleiden. Integriteit betekent hier: ruimte laten voor keuze, zichtbaar blijven, grenzen niet verhullen. Waar die integriteit ontbreekt, wordt aantrekking een subtiele vorm van grensoverschrijding.
Aantrekking en afstoting in de natuur
Die spanning tussen aantrekking en grens blijkt niet alleen menselijk, maar ook fundamenteel natuurkundig. In de natuurkunde bestaat aantrekking nooit zonder afstoting. Elektronen worden aangetrokken en tegelijk op afstand gehouden. Atomen bestaan bij gratie van die balans. Zonder afstoting zouden vormen instorten, structuren verdwijnen, leven onmogelijk zijn.
Afstoting is daar geen ontkenning van verbinding, maar haar voorwaarde. Zij bewaakt afstand, maakt vorm mogelijk, houdt systemen open. Zuivere (grenzenloze) aantrekking leidt tot versmelting en verlies van structuur. Zuivere (grenzenloze) afstoting leidt tot isolatie en leegte. Stabiliteit ontstaat alleen in hun samenspel.
Non-dualiteit laten landen
Mijn inzet is niet om non-dualiteit te relativeren, maar om haar te laten landen in het leven zoals het zich voordoet, ook al lijkt het leven een en al dualiteit. Zolang wij spreken en handelen, kunnen wij elkaar raken, dragen en beschadigen. Dat vraagt geen angst, maar aandacht dat het op een hoger niveau klopt.
Gewaarwording is dan geen verkramping, maar het herstel van afstoting als legitieme kracht. Het vermogen om nabij te zijn zonder toe-eigening. Om vrijheid te leven zonder haar grenzeloos te maken. Om verbonden te blijven zonder te verdwijnen.
Misschien is dat de plek waar liefde, vrijheid en non-dualiteit elkaar raken. Niet in versmelting, maar in een dynamisch evenwicht. Zoals in de natuur structuur ontstaat door aantrekking én afstoting, zo ontstaat menselijke verbondenheid door uitnodiging én grens.
Zo is het ook met eenheid en vrijheid. Zij kunnen niet tegelijk volledig bestaan en toch hebben zij elkaar nodig. De eenheidservaring toont dat scheiding niet absoluut is. Haar tijdelijkheid maakt dat vrijheid mogelijk blijft. En in die tussentijd, in het dagelijks leven tussen de momenten van eenheid, ontstaat de ruimte voor ethiek, niet als surrogaat voor ontbrekende eenheid, maar als zorgvuldige navigatie van vrijheid in verbondenheid. Wat vanuit verlangen naar zekerheid als vaagheid wordt ervaren, is vanuit dit perspectief de open ruimte waarin wij elkaar kunnen ontmoeten zonder dwang, kunnen verbinden zonder te versmelten, vrij kunnen zijn zonder geïsoleerd te raken. Niet minder eenheid, maar meer integriteit, heelheid. In de ademhaling tussen eenheid en vrijheid.