Eén woord voor een moreel kompas

Wat is de zin van al onze regels, geboden en verboden en kun je dat samenvatten in één enkel woord?

Niet de vrijheid om alles te doen wat mogelijk is, maar de vrijheid om het eigen leven te leiden overeenkomstig de eigen aard. Vanuit dat uitgangspunt kunnen drie eenvoudige stellingen worden geformuleerd.

  1. Alle levende wezens zijn intrinsiek evenwaardig in hun recht op vrijheid om te leven in hun natuurlijke habitat.
  2. Houd geen afhankelijkheid van een ander in stand die je zelf niet nodig hebt voor de uitoefening van je eigen vrijheid.
  3. Wees alert op de grens waar jouw vrijheid die van een ander raakt.

Samen vormen zij een ethiek die niet begint bij de mens, maar bij het leven zelf.


Vrijheid in plaats van waarde

De eerste stelling verlegt de aandacht van waarde naar vrijheid. Activisten spreken graag over de intrinsieke waarde van dieren en natuur, maar het begrip waarde blijft uiteindelijk een menselijke beoordeling en daar staat dit begrip nu juist buiten. Het begrip zal dan ook de werkelijkheid niet veranderen.

Vrijheid is concreter. Een vogel wil vliegen. Een wolf wil zwerven. Een boom kan zelf niet reizen, maar wil wortelen, groeien en -via het zaad dat zijn soort voortdraagt- zich verspreiden. Elk levend wezen bezit een eigen wijze van bestaan die niet eerst door de mens hoeft te worden goedgekeurd, of dat nu op het niveau van het individu is, zoals bij dier en mens, of op het niveau van de soort, zoals bij de plant.

Dat alle levende wezens alleen intrinsiek evenwaardig zijn in hun recht op vrijheid, laat open dat zij niet gelijk zijn. Een eik is geen ree en een mens is geen merel. Evenwaardigheid betekent anders dan het klinkt dat waarde geen rol speelt, maar dat geen enkel wezen bij voorbaat minder recht heeft op zijn eigen bestaan omdat het kleiner, trager of minder intelligent is. De verschillen tussen soorten rechtvaardigen geen verschillen in fundamentele aanspraak op vrijheid.


Afhankelijkheid als toetssteen

De tweede stelling trekt hiervan een praktische consequentie. Afhankelijkheid is soms onvermijdelijk. Jonge kinderen zijn afhankelijk van hun ouders. Zieke mensen kunnen zorg nodig hebben. Ook in de natuur bestaan wederzijdse afhankelijkheden. Maar een afhankelijkheid die uitsluitend bestaat omdat de sterkste daarvan profiteert, verdient kritische aandacht.

Wanneer mensen dieren fokken om hen vervolgens levenslang afhankelijk te houden voor voedsel, kleding of vermaak, is die afhankelijkheid niet noodzakelijk voor de vrijheid van de mens. Zij dient vooral zijn plezier, zijn gemak, zijn gewoonte of zijn economische belang en datzelfde geldt voor het aantasten van ecosystemen terwijl er minder schadelijke alternatieven beschikbaar zijn.

Deze stelling verbiedt niet iedere vorm van omgang, maar vraagt steeds opnieuw: is deze afhankelijkheid werkelijk noodzakelijk voor mijn eigen vrijheid, of houd ik deze onvrijheid van de ander slechts in stand omdat zij mij voordeel oplevert?


De grens die aandacht vraagt

De derde stelling richt de blik naar binnen. Vrijheid heeft geen vaste grens die eenmaal kan worden vastgesteld. Iedere ontmoeting met een ander vraagt opnieuw om aandacht voor waar mijn vrijheid eindigt en waar die van een ander begint; beide vrijheden raken elkaar voortdurend en overlappen elkaar soms zonder problemen.

Wie werkelijk vrij wil zijn, ontwikkelt daarom gevoeligheid voor de gevolgen van zijn handelen. Niet uit schuldgevoel, maar uit respect. Respect laat ruimte voor liefde om te stromen. Vrijheid zonder aandacht verandert gemakkelijk in gewetenloze macht. Macht zonder zelfbegrenzing verandert gemakkelijk in onderdrukking.


Beschaving als balans

Beschaving kan daarom worden afgemeten aan de manier waarop een samenleving met vrijheid omgaat. Niet aan haar rijkdom, haar technologie of haar militaire kracht, maar aan haar vermogen om ruimte te laten voor het leven van anderen.

Deze drie stellingen vormen samen geen utopie waarin alle conflicten verdwijnen. Het leven kent nu eenmaal botsende belangen. Ook roofdieren leven ten koste van prooidieren en mensen zullen wanneer ze ieders vrijheid willen respecteren soms moeilijke keuzes moeten maken. Maar juist daarom is een helder moreel kompas nodig.

Dat kompas legt de grootste verantwoordelijkheid bij wie het vermogen tot inzicht bezit. Niet omdat hij schuldig is aan zijn kracht, maar omdat hij als enige in staat is de gevolgen van zijn handelen te overzien en om een balans aan te houden.

Misschien is vrijheid wel de meest universele taal van het leven. Elk wezen probeert, op zijn eigen manier, zichzelf te zijn en het mooiste van zichzelf te tonen. Wie dat herkent, ontdekt dat ethiek uiteindelijk niet begint met regels, maar met respect oftewel eerbied.

Eerbied voor de balans in het bestaan van de ander.

Want zonder vrijheid kan liefde niet bestaan. En zonder liefde verliest vrijheid haar menselijkheid.

Wie deze gedachte verder wil volgen -hoe vrijheid zich verhoudt tot evenwaardigheid, liefde en kwaliteit- vindt een uitgebreidere verkenning in dit artikel.

.

Er is een reeks over non-dualiteit, verlichting, gewaarzijn en leegte als spirituele themas.

Er is een reeks over vrijheid, liefde, kwaliteit en evenwaardigheid als leidende waarden.

Er is een reeks over balans en evenwicht, niet-doen, wu wei en yin en yang.
Voor verdieping en verder lezen over de concepten en termen uit dit blog, ga naar het overzicht van labels.