De frustrerende paradox van het anarchisme

Wij mensen mogen graag de controle hebben

Er is een merkwaardig fenomeen dat zich herhaalt in groepen die bewust afzien van leiderschap. Of het nu gaat om een spirituele satsang, een politiek collectief, een zorgorganisatie met een horizontale structuur, een buurtinitatief zonder voorzitter of een man-vrouwrelatie die gelijkwaardigheid als grondprincipe heeft, vroeg of laat duikt dezelfde figuur op: iemand die de ruimte opeist. Die de leiding naar zich toetrekt, het gesprek bepaalt, de toon kleurt. Niet omdat hij of zij is aangewezen, maar omdat het simpelweg gebeurt.
En dan ontstaat de paradox.
De relatie of groep die geen leider wil, krijgt een leider die niemand heeft gekozen. En de deelnemers die zich hieraan het meest ergeren, zijn vaak juist degenen die het principe van gelijkwaardigheid het meest serieus nemen.

Het ideaal als schild

Groepen en relaties met een verheven zelfbeeld -spiritueel, emancipatoir, compassievol- ontwikkelen een merkwaardige immuniteit. Niet tegen problemen, maar tegen het zien van problemen. Het ideaal dat de groep of relatie bijeenhoudt, wordt tegelijk het schild waarmee ze zich beschermt tegen kritiek op haar eigen functioneren.
In een satsang, bedoeld als ruimte voor delen, stilte en gewaarzijn, is dominantie moeilijk bespreekbaar, want het benoemen ervan lijkt zelf een vorm van verstoring. In een zorgorganisatie die werkt vanuit compassie, is de vraag of je bepaalde doelgroepen wel kunt bedienen bijna een taboe, want wie stelt zoiets, betwijfelt de goede bedoelingen. En in een relatie die gelijkwaardigheid hoog in het vaandel draagt, is de vraag wie feitelijk de dienst uitmaakt soms het meest onbespreekbare onderwerp van allemaal.
Degene die de schaduw benoemt, wordt het probleem. Niet de schaduw zelf. Het klassieke antwoord is dan: “wat zegt dat van jou?”. Een vraag die eruitziet als een uitnodiging tot zelfreflectie, maar die in werkelijkheid de aandacht verschuift van een reëel probleem naar de innerlijke gesteldheid van degene die het benoemt. De boodschapper wordt geneutraliseerd. Het ideaal blijft intact.

De anarchist die een hekel heeft aan andere anarchisten

Ludo AbichtWie oprecht gelooft in vrijheid en gelijkwaardigheid voor iedereen, stuit vroeg of laat op een pijnlijke waarheid: niet iedereen gebruikt vrijheid om ruimte te maken. Sommigen gebruiken haar om ruimte op te eisen. Om de leiding naar zich toe te trekken, ook en juist daar waar leiding formeel niet bestaat.
De anarchist die dit ziet, ergert zich. En die ergernis is geen inconsistentie, het is, juist, de pijn van iemand die het ideaal serieus neemt. Want echte vrijheid vereist iets wat vrijheid niet kan afdwingen: de bereidheid om de vrijheid van de ander even serieus te nemen als de eigen vrijheid. Zonder die bereidheid is vrijheid geen principe maar een voorrecht van de sterkste. Of de luidste.

De apenrots onder de idealen

De paradox heeft een evolutionaire wortel. Op de apenrots -en wij mensen zijn haar nooit helemaal ontstegen- leven twee driften zij aan zij: de weerstand tegen willekeurig gezag en de drang om zelf positie in te nemen. Niemand wil een baas boven zich dulden, maar vrijwel iedereen wil wel gezien worden. Als de slimste. De meest integere. De meest verlichte aanwezigheid in de ruimte. In een leiderloze groep verdwijnt die statuscompetitie niet. Ze gaat ondergronds. Ze vermomt zich als diepere stilte, als het meest treffende inzicht, als de langste adem in het gesprek. De primatoloog Frans de Waal beschreef hoe ook chimpansees die formeel gezag afwijzen, ondertussen voortdurend positie manoeuvreren. Bij mensen werkt het niet anders, alleen subtieler en met betere smoesjes. Iedereen is dus een beetje anarchist. En iedereen draagt tegelijk de apenrots met zich mee. De Gouden Regel vraagt precies om dat tweede te herkennen -niet te onderdrukken, want dat werkt niet- maar even bewust opzij te zetten.

De onvermijdelijkheid van structuur

Hier stuit het streven naar gelijkwaardigheid op zijn eigen grens. Om de dominante stem te corrigeren, moet de groep of de relatie ingrijpen. Procedures instellen. Afspraken maken over hoe de ruimte wordt verdeeld. En daarmee oefent ze -hoe zacht ook- gezag uit. Ze legt zelfdiscipline op aan haar deelnemers.
De groep moet iets van gezag uitoefenen om gezagloosheid te bewaken.
Dat is geen fout in het systeem. Het is de onvermijdelijke waarheid ervan. Een leiderloze groep heeft geen leider nodig, maar wel een gedeeld principe dat sterker is dan de sterkste persoonlijkheid in de ruimte. Een gelijkwaardige relatie heeft geen scheidsrechter nodig, maar wel een gedeeld kompas.

De Gouden Regel

Dat kompas bestaat al heel lang. Behandel de ander zoals je zelf behandeld wilt worden.
De Gouden Regel is in wezen het enige principe dat werkt in elke relatie die gelijkwaardigheid nastreeft, juist omdat het geen autoriteit nodig heeft. Het wordt niet opgelegd van buitenaf maar begrepen van binnenuit. Het vraagt geen structuur, alleen bewustzijn. En het is tijdloos: het gold toen, het geldt nu en het zal altijd gelden.
Zelfdiscipline is niets anders dan de Gouden Regel in de praktijk. Niet omdat een regel het voorschrijft, maar omdat je begrijpt dat jouw vrijheid ophoudt waar die van de ander begint.

Het geduld van de emancipator

Er is nog een dimensie die zelden wordt benoemd. Wie oprecht strijdt voor vrijheid en gelijkwaardigheid, heeft haast. De onrechtvaardigheid is zichtbaar, de oplossing ook, waarom duurt het zo lang?
Dat ongeduld is begrijpelijk. Maar het heeft een prijs. Wie te snel wil, ziet twee dingen over het hoofd.
Ten eerste: echte verandering werkt in generaties, niet in jaren. Wie dat niet kan verdragen, gaat harder duwen en wekt, juist, de weerstand die hij wil doorbreken.
Ten tweede: de overlap met anderen die hetzelfde willen maar anders formuleren is vaak groter dan het verschil. Maar wie zijn eigen taal als de enig juiste ervaart, ziet bondgenoten over het hoofd of erger, behandelt hen als tegenstanders. Het ongeduld maakt blind voor de overlap en de blindheid voor de overlap vergroot het ongeduld.

Besluit

kompasDe paradox van gelijkwaardigheid is niet dat het een slecht idee is. Het is dat het een veeleisend idee is. Het vraagt meer van mensen dan een autoritaire structuur ooit zou doen, want het vraagt om innerlijke discipline zonder externe dwang. Dat geldt in politieke bewegingen en in spirituele groepen, maar evenzeer in de meest intieme verhoudingen tussen mensen.
De Gouden Regel is daarvoor het enige houvast dat niet zichzelf tegenspreekt. Niet als wet, maar als kompas. Van binnenuit.
Wie dat begrijpt, heeft geen leider nodig. En hoeft ook geen hekel meer te hebben aan andere anarchisten.

.

Er is een reeks over non-dualiteit, verlichting, gewaarzijn en leegte als spirituele themas.

Er is een reeks over vrijheid, liefde, kwaliteit en evenwaardigheid als leidende waarden.

Er is een reeks over balans en evenwicht, niet-doen, wu wei en yin en yang.
Voor verdieping en verder lezen over de concepten en termen uit dit blog, ga naar het overzicht van labels.